De acht witte stenen van Cadzand

Wie de algemene begraafplaats aan de Erasmusweg in Cadzand binnenloopt, ziet vrijwel direct aan de rechterzijde een rij witte grafstenen. Ze staan er rustig naast elkaar, midden tussen de graven van inwoners van het dorp.

Op het eerste gezicht zijn het slechts acht stenen.

Maar achter iedere steen schuilt een verhaal. Verhalen van jonge mannen die tijdens de Tweede Wereldoorlog duizenden kilometers van huis waren, en die hun leven verloren in of rond Cadzand.

De acht graven worden onderhouden door de Commonwealth War Graves Commission. Zij herinneren aan militairen van het Britse Gemenebest die in 1940 en 1944 in Cadzand om het leven kwamen.

Cadzand, 1940

In het voorjaar van 1940 kwam de oorlog ook naar West-Zeeuws-Vlaanderen. Het Nederlandse leger capituleerde en Duitse troepen namen de streek in.

Voor de Britten was de oorlog echter nog maar net begonnen.

In Cadzand kwamen in die chaotische meidagen verschillende Britse militairen om het leven. Onder hen bevonden zich John Walter Hall, chauffeur bij de Royal Army Service Corps, Albert McCulloch, van het Pioneer Corps, en Alfred George Richards, een signalman van de Royal Corps of Signals. Ook een vierde militair uit deze periode ligt hier begraven als onbekende soldaat.

Hun precieze omstandigheden zijn niet allemaal meer te reconstrueren. De oorlog liet in die dagen weinig ruimte voor nauwkeurige verslaglegging. Soldaten trokken terug, eenheden werden verplaatst en berichten over gesneuvelden waren vaak onvolledig.

Toch bleven hun graven bewaard.

Een vlieger boven Cadzand

Een van de stenen draagt de naam Flying Officer Frank George Rudduck, piloot van de Royal Air Force Volunteer Reserve.

Rudduck was 32 jaar oud toen hij op 6 juni 1944 om het leven kwam. Hij was getrouwd met Dorothy Maud Rudduck en kwam uit East Dulwich in Londen.

Zijn graf herinnert ons eraan dat Cadzand ook in de lucht onderdeel was van de oorlog.

Op het moment dat Rudduck sneuvelde, was de bevrijding van West-Europa begonnen. Op 6 juni waren de geallieerden in Normandië geland. Vanuit Engeland en het Europese vasteland werden talloze vliegtuigen ingezet voor verkenningen, bombardementen en ondersteuning van de geallieerde opmars.

De oorlog was inmiddels in een andere fase terechtgekomen.

Maar voor Rudduck eindigde hij boven Zeeland.

September 1944

Drie maanden later kwam een tweede RAF-militair in Cadzand om het leven: Warrant Officer Leslie Keith Staines.

Staines was slechts 24 jaar oud. Hij diende als radio-operator en boordschutter bij 98 Squadron van de RAF Volunteer Reserve. Op 12 september 1944 kwam hij om het leven.

Zijn grafsteen is daarmee een stille herinnering aan de vele bemanningsleden die tijdens de oorlog boven Europa hun leven verloren.

Voor de inwoners van Cadzand moeten de gebeurtenissen in de lucht een vertrouwd maar angstaanjagend onderdeel van het dagelijks leven zijn geweest: het geluid van vliegtuigen, het afweergeschut, het geronk van motoren en soms de stilte die volgde nadat een toestel niet meer terugkeerde.

De bevrijding komt dichterbij

In het najaar van 1944 veranderde de situatie opnieuw.

De geallieerde legers rukten op vanuit België richting Zeeuws-Vlaanderen. De bevrijding van de streek kwam dichterbij, maar dat betekende niet dat de oorlog voorbij was.

Integendeel.

De strijd om de Scheldemonding en de toegang tot de haven van Antwerpen was bijzonder zwaar. West-Zeeuws-Vlaanderen werd een gebied waar Canadese en andere geallieerde troepen vochten tegen Duitse eenheden.

Ook Cadzand kreeg opnieuw met oorlogsslachtoffers te maken.

Een van de graven aan de Erasmusweg is dat van Petty Officer Norman Collier, van de Royal Navy. Hij was 31 jaar oud en kwam op 5 november 1944 om het leven. Hij was afkomstig uit Ravenstone in Leicestershire en was getrouwd.

Zijn graf draagt daarmee een heel ander verhaal dan de stenen van 1940.

De oorlog was inmiddels teruggekeerd naar Cadzand.

Twee onbekende mannen

Tussen de namen staan ook twee bijzondere grafstenen.

De ene vermeldt slechts:

“A SOLDIER OF THE 1939–1945 WAR”

De andere:

“A SAILOR OF THE 1939–1945 WAR – ROYAL NAVY”

Hun namen zijn nooit met zekerheid vastgesteld. Hun identiteit ging verloren in het geweld van de oorlog.

Juist deze twee eenvoudige stenen maken de begraafplaats misschien wel extra indrukwekkend.

Want achter een naam kunnen we ons een persoon voorstellen: een zoon, een echtgenoot, een vader, een vriend.

Maar achter een onbekende soldaat rest alleen de wetenschap dat er ooit iemand was die hier zijn leven verloor.

Iemand die niet meer naar huis terugkeerde.

Acht stenen, duizenden verhalen

De acht graven in Cadzand vormen geen groot oorlogskerkhof. Er zijn geen lange rijen grafstenen en geen monumentale toegangspoort.

Juist daardoor is de plek zo bijzonder.

De graven liggen tussen de gewone graven van het dorp. De oorlog en het dagelijks leven liggen hier letterlijk naast elkaar.

De acht mannen kwamen uit verschillende onderdelen van de Britse strijdkrachten: het leger, de Royal Air Force en de Royal Navy. Sommigen stierven in de dramatische dagen van 1940, anderen tijdens de luchtoorlog en weer anderen tijdens de bevrijding van Zeeland in 1944.

Hun levens kwamen samen op één kleine plek in Cadzand.

Daarom zijn de acht witte stenen meer dan alleen oorlogsgraven.

Ze vertellen het verhaal van een dorp dat de oorlog niet van een afstand meemaakte. Cadzand lag midden in een gebied waar soldaten vochten, vliegtuigen overvlogen en mensen hun leven verloren.

En iedere keer wanneer iemand langs de stenen loopt, blijven daar dezelfde acht stille getuigen.

John Walter Hall.
Albert McCulloch.
Alfred George Richards.
Frank George Rudduck.
Leslie Keith Staines.
Norman Collier.
En twee mannen zonder naam.

Hun oorlog eindigde in Cadzand.

Hun herinnering niet.